4 april 2025

Discipelschap terwijl je het zelf ook nodig hebt

Erin Wheeler woont met haar man Brad en hun vier kinderen in Fayetteville (Arkansas). Ze is lid van de University Baptist Church, waar Brad voorganger is.

Hoe discipelschap eruit zou moeten zien, wist ik niet zo goed, maar ik wist wel zeker dat het niet leek op dat waar ik mee bezig was.

Volgens mij doe ik het helemaal verkeerd, dacht ik, terwijl ik de deur dichtdeed achter die arme zuster die een uur van haar leven had opgeofferd in een poging om iets van mij te leren.

‘Mijn leven is een puinhoop. Ik heb geen idee wat ik hier doe. M’n kinderen zijn in een hooligan-bui, m’n houding richting m’n man zit niet goed; vandaag gaat er echt geen “onderwijs” plaatsvinden. Ik zou helemaal niemand moeten onderwijzen! Wie heeft hier nu discipelschap nodig? God, wat moet ik doen?’

Ik mompelde dit allemaal halfluid, terwijl ik naar de keuken terugliep om het eten af te maken.

Kracht vinden in zwakheid

Ik had er geen idee van dat God zulke situaties zou gebruiken om mij van alles te leren over Zijn bedoelingen met mijn leven. Ik kon me niet voorstellen dat God mijn zwakheid in kracht zou veranderen. Het was de tijd waarin mijn man en ik, allebei dertigers, in onze gemeente langzamerhand tot de ‘ouderen’ begonnen te behoren. We worstelden ons door een lastige periode heen en ik was op zoek naar een vrouw die mij daarin geestelijk zou kunnen bemoedigen, maar God had andere plannen.

In plaats van dit verlangen te vervullen, liet Hij bij mij een liefde voor discipelschap ontstaan. Gaandeweg leerde ik dat het er niet zozeer om ging dat ik alles goed deed, maar dat ik gehoorzaamde aan Gods opdracht om jongere vrouwen te onderwijzen (Titus 2:4). Ik merkte dat God regelmatig vrouwen in mijn leven bracht die jonger waren dan ik of geestelijk minder volwassen. Ze verlangden enorm naar iemand die hen kon helpen om te leren wat het betekent de Heere met heel je hart, met heel je ziel, en met al je kracht lief te hebben (Deuteronomium 6:4-9).

Onderwijzen door anderen naar je te laten kijken

Hoezeer ik er ook naar verlangde om zelf discipel te zijn, ik kreeg steeds vaker de rol om anderen tot discipelen te maken. Wat voelde ik me onzeker en ongeschikt. Net als Mozes in Exodus 4 zei ik: ‘O God, stuur alstublieft iemand anders.’ Op allerlei manieren wees Hij me steeds weer terecht. Het leek wel alsof Zijn woorden tegen Mozes voor mij waren bedoeld: ‘Wie heeft de mens een mond gegeven? Of wie maakt iemand stom, doof, ziende of blind? Ben Ik het niet, de HEERE? Nu dan, ga, Ik zal Zelf met uw mond zijn, en u leren wat u spreken moet’ (Exodus 4:11-12).

De momenten waarop ze het meest van me leerden, waren doorgaans wanneer ze me simpelweg konden observeren.

In mijn discipelschapsrelaties heb ik geprobeerd deze vrouwen te onderwijzen en te bevragen, boeken met hen te bespreken en met hen te bidden. Toch waren dit vaak niet de momenten waarop ze het meest leerden, zo vertelden ze me achteraf. De momenten waarop ze het meest van me leerden, waren doorgaans wanneer ze me simpelweg konden observeren. Ze zagen hoe God mijn zwakheid gebruikte wanneer mijn geduld voor die dag allang op was. Nadat ik met hen had gedeeld hoe ik worstelde met het gevoel dat ik voor mijn man pas op de tweede plaats kwam, na zijn werk, zagen ze mijn worsteling om hem lief te hebben.

God zal ons geven wat we nodig hebben

Ik begon steeds beter te begrijpen wat Paulus bedoelde, toen hij zei: ‘Maar wij hebben deze schat in aarden kruiken, opdat de allesovertreffende kracht van God zou zijn en niet uit ons’ (2 Korinthe 4:7). Deze vrouwen zaten op de eerste rij en ze konden precies zien wat voor breekbare aarden kruik ik in werkelijkheid ben. Omdat we Gods maaksel zijn, ‘geschapen in Christus Jezus om goede werken te doen’ (Efeze 2:10), is het soms nodig dat we anderen laten zien hoe Gods kracht schittert door onze zwakke pogingen heen om Hem te dienen.

God roept ons niet op om alles wat we maar kunnen in onze eigen kracht te doen. In plaats daarvan roept Hij ons op om onszelf voor anderen als een plengoffer uit te gieten. Want juist door onszelf te ontledigen uit liefde voor Hem en voor anderen, kan Hij onze zwakheid gebruiken als het volmaakte podium om Zijn kracht te tonen. Elke dag hier op aarde geeft God ons alles wat we nodig hebben voor ons leven en onze godsvrucht. Dit betekent dat Hij ook trouw zal zijn om ons alles te geven wat we nodig hebben voor het discipelschap van de vrouwen die Hij in ons leven brengt.

Vertrouwen in God: Hij is aan het werk

Jaren later bracht God een nieuwe vriendin en zuster in onze gemeente. Elke zaterdagmiddag kwam ze langs, terwijl mijn man een preek voorbereidde. Het leek wel alsof telkens als ze er was, er wel iets misging: van een enorme woedeaanval van een van m’n kinderen tot een toilet dat overliep! In vertrouwen op Gods volmaakte timing keek ik haar dan weleens aan en zei: ‘Weet je, als God jou dit allemaal laat zien, moet Hij wel heel veel van je houden.’

Onze zekerheid ligt niet in een huis dat piekfijn op orde is of in goed opgevoede kinderen. Onze zekerheid ligt in het feit dat Gods Geest werkzaam is in de trammelant van alledag. Zelfs in onze zwakheid gebruikt Hij ons. Hij gebruikt onze woorden om hen die niets doen te waarschuwen, hen die verlegen zijn aan te moedigen, hen die zwak zijn te troosten en aan ieder geduld te tonen. Alles doet Hij met het oog op de grote heerlijkheid van Zijn naam.

 

Meer toerusting